Chemie-Pack: ten behoeve van verhaal van saneringskosten kan het overtreder-begrip niet eindeloos worden opgerekt

In JM 2013/49 verscheen een noot inzake kostenverhaal en bestuursdwang naar aanleiding van de chemische brand bij Chemie Pack te Moerdijk. In deze uitspraak is de kostenverhaalsbeschikking en bestuursdwangbeschikking afkomstig van de Staatssecretaris van IenM en gericht aan de Holding (de houdstermaatschappij van de aandelen in de Chemie Pack vennootschappen) aan de orde. In de uitspraak die wij bespraken in «JM» 2012/137 stond de kostenverhaalsbeschikking en het bestuursdwangbesluit afkomstig van het Waterschap gericht aan de dochtermaatschappijen Chemie Pack Onroerend Goed B.V. en Chemie Pack Nederland B.V. centraal. Aan de hand van onder meer die uitspraak schreven wij ons artikel “Verhaal van kosten van bestuursdwang bij (chemische) branden” – deel 1 en deel 2 verschenen in «JM»> 2012, afl. 10 p. 1004 en afl. 11 p. 1109. In dit artikel en in onze annotaties gingen wij reeds in op de vraag wie in een situatie als de onderhavige als overtreder kan worden aangesproken en derhalve de kosten van de bestuursdwang dient te dragen. In de onderhavige uitspraak komt de staatssecretaris er slechter af dan het Waterschap in eerder genoemde uitspraak. Zowel procedureel als inhoudelijk krijgt de besluitvorming van de staatssecretaris niet de schoonheidsprijs van de rechtbank Breda. In deze noot gaan wij eerst kort in op de procedurele aspecten van de onderhavige casus. Vervolgens komen zowel de bevoegdheid van de staatssecretaris om in dezen bestuursdwang op te leggen alsmede de vraag naar het overtrederschap van de holding komen vervolgens in de uitspraak aan de orde.


Tijn Kortmann en Fleur Onrust
Alle posts van Tijn Kortmann

Share on LinkedInShare on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone